Hoe digitale transformatie arbeidsproductiviteit verhoogt en de energietransitie versnelt

Met de energietransitie staat Europa voor een ongekende opgave. Wat de uitdaging des te groter maakt, is het acute tekort aan gespecialiseerde vakmensen. Volgens Lux Consulting is het radicaal verhogen van de arbeidsproductiviteit van gespecialiseerde vakmensen cruciaal. Experts van het energieadviesbureau leggen uit hoe een slimme schil van een AI-applicatieontwikkelplatform boven op ERP- en bedrijfssystemen hieraan kan bijdragen.

De Europese energietransitie is allang geen onderwerp meer van louter politiek debat. Ze vormt de grootste operationele bouwopgave uit onze geschiedenis.

De plannen op de tekentafels van directiekamers en beleidsmakers zijn glashelder: distributienetten moeten in recordtempo worden verzwaard, grootschalige batterijparken moeten congestie opvangen en de uitrol van wind- en zonneparken moet exponentieel versnellen. Het kapitaal is er, de technologie is er, en de maatschappelijke urgentie is groter dan ooit.

Als we bij Lux Consulting met netbeheerders, aannemers en asseteigenaren om tafel zitten, zien we dat de grootste bottleneck is verschoven. Het knelpunt is niet langer financieel of technologisch van aard; het is de acute schaarste aan goed geschoolde arbeidskrachten. De harde realiteit is dat de transitie leunt op fysieke arbeid, en dat de benodigde vakmensen simpelweg niet snel genoeg instromen.

De omvang van dit probleem wordt goed onderbouwd door recent onderzoek van CE Delft, uitgevoerd in opdracht van de Europese Commissie. De cijfers zijn ontnuchterend: de uitrol van koolstofarme technologieën in de EU27 vraagt alleen al tussen 2026 en 2030 om maar liefst 6,6 miljoen arbeidsjaren aan capaciteit voor de fysieke bouw en realisatie van onze nieuwe energie-infrastructuur.

In de praktijk zien we bovendien dat dit werk inherent lokaal moet worden gedaan. Het verzwaren van elektriciteitsnetten vraagt volgens CE Delft gemiddeld 3,2 arbeidsjaren per miljoen euro investering. Werk dat buiten in de modder, op het tracé of op hoogte bij windturbines moet worden uitgevoerd.

En dit werk kan niet eenvoudig worden uitbesteed naar andere landen, noch kan het volledig worden geautomatiseerd. Het vraagt bovendien hooggekwalificeerd personeel. We zoeken geen ‘handjes’, maar schaarse, hooggespecialiseerde professionals.

Van talentwerving naar arbeidsproductiviteit
Hiermee is de schier onhaalbare uitdaging compleet: we hebben een gigantische maatschappelijke opgave mét een cruciale deadline, maar de vijver met talent is nagenoeg leeg. De traditionele reflex van organisaties is om nóg meer in te zetten op werving en te hopen op een grotere instroom uit opleidingen.

Dat is in de huidige arbeidsmarkt geen winnende strategie. Als de instroom van talent de ambitie niet kan bijbenen, is er vanuit het oogpunt van strategie-executie nog maar één logische oplossingsrichting: we moeten de arbeidsproductiviteit van het bestaande potentieel radicaal verhogen.

Elke minuut die een professional achter een computerscherm doorbrengt in plaats van aan de mast, is een minuut waarin de transitie stilstaat.

Als een hooggekwalificeerde monteur of uitvoerder in het veld dagelijks kostbare uren verliest aan administratieve rompslomp, onduidelijke werkvoorbereiding of starre software, dan is dat niet alleen een operationele irritatie. Het is pure kapitaalvernietiging en een directe rem op de energietransitie. Elke minuut die een professional achter een computerscherm doorbrengt in plaats van aan de mast, is een minuut waarin de transitie stilstaat.

De echte sleutel tot versnelling ligt dan ook niet in het vinden van méér mensen, maar in het maximaal faciliteren en ontzorgen van de mensen die we al hebben. En om dat te realiseren, zullen we de brug moeten slaan tussen de operationele realiteit in de modder en de digitale complexiteit van de backoffice.

Botsing strategie en operatie door ‘ERP-spagaat’
Om te begrijpen waarom die arbeidsproductiviteit onder druk staat, moeten we kijken naar het digitale zenuwstelsel van de sector. Grote energiebedrijven, netbeheerders en industriële aannemers leunen voor hun assetmanagement, logistiek en werkvoorbereiding logischerwijs op systemen als SAP, IFS en Maximo. Met name SAP is het onbetwiste digitale fundament dat zorgt voor compliance, grip op grote kapitaalstromen en een gestandaardiseerde administratie.

Maar hier ontstaat ook een spagaat. SAP is ontworpen vanuit de logica van de backoffice, de planner en de controller. De operationele realiteit van de energietransitie speelt zich echter ergens anders af. Die bevindt zich op een transformatorstation in de modder, op een serviceplatform van een offshore windturbine, of bij de installatie van een grootschalig batterijpark.

Voor de monteur of uitvoerder op die locaties is de standaard ERP-omgeving te complex, rigide en administratief belastend. Het resultaat? Waardevolle technici zijn aan het einde van hun werkdag nog uren kwijt aan het doorgronden van ingewikkelde schermen om hun uren, materiaalverbruik of inspectieresultaten te verwerken.

Veel IT-afdelingen proberen dit op te lossen door SAP aan te passen met maatwerkoplossingen binnen SAP. Dit lost de frictie in het veld zelden echt op, maar creëert wel een nieuw probleem aan de achterkant. De core van het ERP-systeem raakt vervuild. Upgrades worden kostbaar en tijdrovend, en de wendbaarheid van de organisatie daalt juist op het moment dat de markt om versnelling vraagt.

De gouden regel voor SAP is niet voor niets ‘keep the core clean’. Maar in de praktijk blijkt dat tot nog toe lastig te combineren met de roep om gebruiksvriendelijkheid in het veld.

Een andere veelvoorkomende oplossing is het realiseren van maatwerkapplicaties als presentatielaag, boven op SAP. Deze benadering draagt zeker bij aan de gebruikersvriendelijkheid, maar vraagt hele sterke discipline van softwareontwikkelteams om de businesslogica te laten waar die hoort: in de core van het ERP-systeem.

Low-code als het missende puzzelstuk bij Vattenfall
Hoe doorbreek je deze impasse? Het antwoord ligt in een slimme architectuurlaag die de robuustheid van SAP koppelt aan de snelheid en flexibiliteit van low-codeapplicatieontwikkeling.

Bij Lux zien we hoe een platform als Neptune Software dit gat overbrugt. Door de directe koppeling met de bestaande SAP-architectuur (via de ABAP-laag) en integratie met andere informatiesystemen, kunnen organisaties in een kwestie van weken intuïtieve, mobiele apps bouwen zónder de SAP-core aan te raken of extra complexe IT-infrastructuur op te tuigen om meerdere informatiebronnen te combineren.

Dat dit geen theoretische exercitie is, bewijst de praktijk van Vattenfall. Geconfronteerd met een agressieve expansie van bronnen van duurzame energie in zijn portfolio, zoals windenergie, merkte Vattenfall dat de druk op zijn SAP Plant Maintenance-omgeving en de teams in het veld onhoudbaar werd.

Vattenfall begreep dat software-executie de sleutel was tot operationele productiviteit en pakte dit radicaal anders aan. Het bedrijf stuurde zijn IT-teams niet de directiekamer in, maar de windparken op om samen met de monteurs de echte bottlenecks aan te pakken. Op basis daarvan ontwikkelden zij met Neptune mobiele applicaties die specifiek zijn ontworpen voor de vaak barre omstandigheden in de fysieke realiteit van hun assets.

Omdat windparken en substations zich vaak in afgelegen gebieden of zelfs offshore bevinden, was een van de belangrijkste vereisten betrouwbare offline functionaliteit. Monteurs hebben nu op hun mobiele device direct toegang tot kritieke checklists en onderhoudsdocumentatie, ongeacht of er bereik is.

Ze sluiten hun werkorders direct ter plekke af en hoeven niet meer aan het einde van de dag naar kantoor om achter een desktop data via ingewikkelde schermen in te kloppen. Neptune zorgt er automatisch voor dat ingevoerde data direct met SAP wordt gesynchroniseerd, zodra er weer een dataverbinding wordt gemaakt. De administratieve drempel is volledig weggenomen, waardoor de productiviteit én tevredenheid van medewerkers toenemen.

Het domino-effect: Van gebruiksgemak naar voorspelbaar onderhoud
De impact van zo’n gebruiksvriendelijke digitale schil reikt echter veel verder dan louter tevreden medewerkers in het veld. Het activeert een strategisch domino-effect dat direct antwoord geeft op de schaarste van arbeidskrachten.

Omdat de drempel om data in te voeren is verdwenen, registreren monteurs méér en kwalitatief betere data direct in het veld. De informatiestroom naar de backoffice is realtime en accuraat. Planners krijgen hierdoor direct grip op de onderhoudsbacklog en materiaalstromen, wat leidt tot significant kortere lead times voor reparaties.

Om de doelen voor 2030 te halen, moeten verborgen productiviteitslekken worden aangepakt.

De echte strategische winst zit echter in de stap die daarna volgt. De data die CE Delft deelt, laat zien dat naarmate het Europese assetpark groeit, de structurele vraag naar beheer en onderhoud de komende decennia explodeert.

Een complete, betrouwbare datastroom maakt het mogelijk de stap te zetten van reactief repareren naar predictive maintenance. Wanneer je op basis van meetwaarden en omgevingscondities kunt voorspellen wanneer een component in een windturbine of batterijpark waarschijnlijk gaat falen, voorkom je ongeplande stilstand en maximaliseer je de capaciteit van het net.

En bovenal zet je schaarse, hooggekwalificeerde technici exact in op de plek waar ze het hardst nodig zijn, op het juiste moment. Dat is de ultieme winst in arbeidsproductiviteit.

Slimme software als randvoorwaarde voor strategie-executie
De energietransitie kan niet wachten tot de arbeidsmarkt zich op magische wijze herstelt. Om de doelen voor 2030 te halen, moeten verborgen productiviteitslekken worden aangepakt.

De rekensom is simpel: als we de administratieve overhead en zoektijd voor operationele rollen in de keten met 20% kunnen reduceren, creëren we effectief 20% extra operationele capaciteit. Zonder dat we daarvoor één extra, onvindbare elektricien of installatiemonteur hoeven aan te nemen.

Een succesvolle transitiestrategie strandt als de uitvoering in het veld vastloopt in digitale complexiteit. Met een moderne, gelaagde opzet met een ‘schone’, stabiele, betrouwbare en schaalbare SAP-core als fundament en een flexibel AI-ontwikkelplatform zoals Neptune aan de voorkant, transformeren we IT van een vertragende factor naar de belangrijkste versneller van de fysieke bouwopgave.

De energietransitie vraagt om scherpe keuzes: het slim ondersteunen van de professionals in het veld is de meest rendabele keuze die een netbeheerder, energieretailer of asseteigenaar vandaag kan maken.